Een Socratisch gesprek begint vaak met een vraag. Hieronder staat, ongeordend, een aantal beproefde vragen.
Wanneer is het grijs?
Wat is een eenvoudige vraag?
Kun je zeggen wat je bedoelt?
Heb je recht op je eigen waarheid?
Wat moet je achter je laten?
Wat hoef je niet te weten?
Wanneer is iets je eigen schuld?
Kun je expres een fout maken?
Kun je beslissen dat je klaar bent?
Wat kun je een ander leren?
Wat zijn de grenzen van tolerantie?
Is nul een getal?
Wanneer moet je ophouden met helpen?
Waar moet je voor staan?
Kun je het verleden veranderen?
Moet je onzin tolereren?
Wanneer moet je wachten?
Kun je de betekenis van een woord veranderen?
Wat voegen woorden toe?
Wat is het belang van een naam?
Maakt het uit hoe iets heet?
Wanneer moet je afscheid nemen?
Bestaan er toevallige gebeurtenissen?
Hoever moet samenwerking gaan?
Hoe zout heb je het ooit gevreten? (bonita avenue, p.43)
Wanneer is iets onwetenschappelijk?
Wat is een onfatsoenlijke vraag?
Wanneer moet je zwijgen?